Man op reis in Australië: nachtvliegen

29 september 2017 door

We zitten vastgegespt in twee enorme stoelen in het deel van het vliegtuig dat ‘economy-comfort’ heet. Achter ons: een wand die ons scheidt van meer dan honderd andere passagiers. Voor ons: meer economy-comfortstoelen – en verder naar voren de echte luxebeesten in de Business Class. Ik kijk om me heen: het is vol en toch hoor je niemand, zie je niemand. Elke stoel vormt een mini-eilandje in de zee die de cabine is, voorzien van televisie, koptelefoon en allerhande knoppen om de juiste zitlighouding te vinden. Verder: een deken, een tasje met oordoppen, blinddoekje, tandenborstel en tandpasta, wat tijdschriften. Plus de bezitter van de stoel, die zich wentelt in al die spullen en zijn eiland uitsluitend verlaat voor het hoogstnodige.

Ik rommel wat op mijn eigen eilandje. Waar is het zakje? Ik vind het terug onder het cellofaan van het keurig ingepakte inflight magazine: advertentiebijlage zonder advertentie. Waar is de tijd gebleven dat je zo’n zakje bij vertrek prominent uit de buidel zag steken van de stoel voor je, waarschuwing voor de turbulente vlucht die komen ging? Not anymore.

De steward vraagt of ik prikwijn of sinaasappelsap wens als welkomstdrankje. Ik recht, de prosecco in mijn hand, mijn benen om de grenzen van mijn eiland te verkennen. Het is aardig ruim, maar toch.
Dat blijft: aan boord van een vliegtuig slaapt niemand echt goed.
Zelfs de beste vliegtuigstoel is niet je bed thuis natuurlijk, maar er is een andere oorzaak, een spannendere – dat merkwaardige, niet te vatten fenomeen van de tijdzone.
We zijn begonnen aan een vlucht vooruit. We versnellen aan boord met zijn allen de klok, halen de tijd in.

Man op reis: Lunch kaart in het vliegtuig naar Hong Kong

De steward komt aanzetten met een menukaart. ‘Lunch’, staat daarop, en ‘ontbijt’. Het diner is weggemoffeld in de korte nacht. Al snel na het middagmaal – dat klopt, het was één uur toen we Amsterdam verlieten – worden de lichten in de cabine gedoofd. Nacht, kennelijk. Ik zet, als altijd, mijn klok alvast op de tijd van de aankomstplaats. Hong Kong – het is een tussenstop, uiteindelijk zal de klok weer anders staan aan de Australische Oostkust.

We proberen te slapen, doezelen is het vooral, onderbroken door documentaires en bioscoopfilms en eindeloos turen naar de plek van het toestel op de wereldbol, naar onbekende namen van nog onbekendere steden die op flitsen op het scherm; hier bent u nu.

Man op reis Onno op het vliegveld van Hong Kong

Het blijft magie, vliegen, en al helemaal als je onderweg ook nog eens de tijd temt. Volgens mij de essentie van de nachtvlucht van West naar Oost – of omgekeerd, wanneer de dag maar niet voorbij lijkt te gaan en je wel twee keer kunt lunchen: jezelf uit de bekende wereld trekken en alle logica van plaats en tijd voor even los te laten.

We landen in Hong Kong, slaapwandelen daar langs exotische luchthavenwinkeltjes, stijgen weer op en landen dan uiteindelijk in Brisbane. Daar is het bijna middernacht. Van welke dag? Die aangename verwarring: ideale start van een vakantie die in niets doet denken aan thuis.

Onno Aerden is als schrijver en columnist onder meer verbonden aan het Financieel Dagblad en Big Black Book. Voor TravelEssence reist hij naar Australië en Nieuw-Zeeland om in zijn persoonlijke, licht verwonderende stijl, verslag te doen van zijn ervaringen.