Sjaak & Anita | TravelEssence

Sjaak & Anita

Vanaf halverwege oktober 2014 tot de tweede week van december verruilden Anita en ik de op gang komende Nederlandse herfst voor een prille lente in Nieuw-Zeeland. Met Hendrik-Jan werd de reis in januari en februari vormgegeven en daarna begon het maandenlange wachten.

Een reis in elkaar steken in het prachtige Nieuw-Zeeland is ogenschijnlijk niet zo heel erg moeilijk. Het land herbergt immers de mooiste ingrediënten. De alom aanwezige bergketens, al dan niet besneeuwd, het overal vallende water, rivieren die hun weg zoeken in grindbeddingen, omzoomd door de geelgloeiende brem vormen slechts een deel van het schitterende decor. Want ook de regenwouden, doorstoken met de prachtige wandelpaden en de heerlijke stranden aan oneindig veel baaien horen daarbij. En de fjorden en de vulkanen en de gletsjers en Queenstown en Wellington en de sissende, borrelende en spuitende omgeving van Rotorua en …
Je gaat naar Nieuw-Zeeland voor die alles omringende en overweldigende natuur, waar de Maori’s, van wie de touch zo prettig gedoseerd zichtbaar is, zo oprecht mee verkeren.

Anita en ik hebben gevoeld hoe TravelEssence niet alleen de reis en geplande activiteiten in een soepel reisplan verwerkt, maar ook het verblijven tot essentieel onderdeel daarvan verklaart. De Fantail Lodge in Portobello was een prachthuisje in een prachttuin met een heerlijke hottub, de ruimte om de Makarora River Ranch is groots en de gastvrijheid ruimhartig.
De luxe cottage in Rotorua, met die tuin en dat uitzicht op het gelijknamige Lake en de prachtige Manakau Lodge in Kaikoura, met vanaf je hoofdkussen dat fantastische zicht op de besneeuwde toppen van de Kaikoura Range, zijn beide juweeltjes.
In Queenstown was Brown’s Boutique Hotel knus, in Wellington vonden we het Museum Hotel een belevenis en het Copthorne Hotel in Omapere was groot en toch gemoedelijk.

Elke verplaatsing van de ene accommodatie naar de volgende vonden we een prachtig onderdeel van de reis: er was vanachter het stuur zoveel moois te zien. Er slingerde ook onderweg altijd wel een wandelpaadje, of er ruiste een waterval. Of een dorpje bleek de moeite waard om even de benen te strekken. Vele, maar rustige, mooie kilometers waren het, door een geweldig decor. Met aan het eind van de dag steeds weer een verrassende B&B, lodge of cottage, met opnieuw een mooie tuin of een fraai uitzicht, niet zelden met beide. Zo werd aankomen, arriveren een moment om naar uit te kijken. En dat bleef zo, tot en met de afsluitende vijf nachten in Russell en de springplank naar de terugreis in Warkworth.

Tijdens onze ontmoetingen met de Kiwi’s merkten we hoe open en prettig die verliepen. Bijna altijd klinkt de vraag, hoe je dag was en wat je verdere plannen zijn. Meestal geen diepgaande gesprekken, maar wel toegankelijk. Ze koesteren hun relaxte lifestyle en zijn zuinig op hun land. En dat zie je terug in hun ruiterlijke gebaar als je als voetganger op de zebra wilt oversteken. Dat zie je ook terug in de overal aanwezige openbare toiletten, altijd schoon, altijd papier, zeep en een werkende handen-droog-blazer. Dat is zo prettig! Hun joviale “hi guys” in winkels en restaurants vonden we karakteristiek voor hun benadering.

De overnight-cruise in Doubtful Sound vonden we een geweldig hoogtepunt. Een heuse tweemaster voer een gesluierd fjordenlandschap binnen, door blauwgroene wateren, langs groen beboste eilanden, tussen oprijzende bergwanden, op weg naar de Tasmanzee. Alleen maar kijken, hoefde je. En luisteren! Kijken en luisteren!

In het noorden, in Russell, aan the Bay of Islands, hadden we geboekt voor de Creamtrip. Met een voor de hand liggende en beeldende slogan voeren we met een rappe boot a day in the bay en dat werd een topdag. De baai is een schoonheid, de lentezon schitterde op het wateroppervlak en tien, vijftien orca’s zwommen en sprongen om de boot heen, een show van wel een kwartier of drie. En toen ’s middags het orca-gevaar was geweken, verzorgden net zoveel dolfijnen de rest van het programma met een show van een kwartier of vier. Zomaar, in de heel mooie Bay of Islands!

We fietsten vier dagen in Otago, vlogen met een helikopter boven gletsjers, wandelden langs rivieren en op paden, klommen en daalden. We slenterden langs de vloedlijn en door stadjes, bewonderden woudreuzen, gloeiwormpjes-in-het-wild, Pancake Rocks en gingen op stap met Hone, maar vonden de beloning door de walvissen in Kaikoura erg mager. En ons bezoek aan Te Papa kostte veel meer tijd dan we vooraf hadden gedacht.

Met een huurauto reden we de afstanden tussen accommodaties en activiteiten aan elkaar. TravelEssence heeft dit gefaciliteerd. En dat kunnen ze heel goed!